GOD GEEFT DE MENS ALS GAVE

 

 

Jaren geleden hebben we als gezin een blokhut met elkaar gebouwd. We begonnen met het fundament. Ik had bedacht door een dakgoot het beton van de dijk af te kunnen laten glijden in de bouwput,… dat was echter een misvatting. De dakgoot barstte voor onze ogen uiteen en het volgende moment zagen  we hoe het beton de hele dijk bekleedde. Met een hele ploeg mensen moesten we als een haas aan de slag om met een schep het beton te verdelen. De dakgoot was duidelijk niet voor deze functie gemaakt.

PIC00622

Het huis bouwen ging stukken beter! De materialen pasten precies want ze zijn dan ook ontworpen voor deze functie (lekker efficiënt en nuttig). De bouw ging dus een stuk sneller en het huis zit perfect  in elkaar. Binnen een dag stond er een waar bouwwerk wat uiteindelijk ons tuinhuis is geworden en we nu als werk en slaapruimte gebruiken.

Ik vind het altijd bijzonder hoe vaak God werkt vanuit een andere gedachtegang en perspectief dan wij mensen. Als wij een huis bouwen ontwerpen we dit, we verzamelen de delen en bouwmaterialen en laten bekwame mensen ieder hun deel doen. De materialen passen precies want ze zijn ontworpen voor de functie. Dit is efficiënt en nuttig. Hierdoor gaat de bouw sneller en zit het huis beter in elkaar.

God bouwt ook een huis. Dit doet Hij echter niet met materialen, maar met mensen. Om een vergelijking te trekken: de kwaliteit van het bouwwerk wordt bepaald door het bouwmateriaal, namelijk de mens.

 

ZIENSWIJZE VERSUS “ZIJNSWIJZE”

We mogen bouwen aan het huis van God. Wij zijn deel van het huis waar we aan mee mogen bouwen. We staan niet als werkmeesters te kijken naar een extern bouwwerk, maar kijken als het ware naar onszelf en medegeloofsgenoten. We zijn één huis en behoren aan elkaar toe. Er bij horen is fundamenteler dan productiegericht zijn. Door erbij te horen komt er energie en bekwaamheid om constructief te bouwen. Ik heb verlangen inzicht te krijgen in Gods manier van denken.

Eigenlijk zou je moeten zeggen: Gods manier van “zijn”. Je komt op tal van plaatsen in de bijbel deze “zijnswijze” tegen. Als je de menselijke vorm van denken mengt met de Goddelijke vorm van denken ontstaat er een onlogische kerk, waar je bv een dakgoot gebruikt om liefde in te vervoeren. Maar liefde vervoer je in een kloppend menselijk hart dat bedoeld is om aan elkaar uiting te geven. Liefde in kerkstructuren stoppen geeft veelal een heleboel toestanden en geen stevig bouwwerk. Het past gewoon niet op zijn plaats.

GOD HEEFT VERTROUWEN DAT DE KERK EEN GOED BOUWWERK ZAL ZIJN

Het bouwwerk dat God bouwt bestaat uit mensen die in staat en gewillig zijn zich aan elkaar toe te vertrouwen. God noemt dit liefde. Omdat Hij door Zijn Geest de liefde in ons hart heeft gegoten*2, kunnen we ervaren dat God van ons houdt. We zijn in die zin niet als onze dakgoot zodat de liefde verspild zou worden, geen doel zou treffen. Ons hart is het beste materiaal om Gods liefde door te vervoeren, het treft altijd zijn doel.  Dit heeft als gevolg dat wij van onszelf gaan houden en dan ook van anderen. Door de woorden en daden van de liefde wordt dit bouwwerk buitengewoon mooi en sterk. Dit gebouw moet echter wel gebouwd worden. Ook hier denkt God weer anders dan de mens. Op het moment namelijk dat we tot geloof komen en ons overgeven aan Hem, zijn we deel van dat bouwwerk. Door onze groei wordt dit bouwwerk steeds sterker, mooier en ontzagwekkender.

LEIDERS ZIJN ZELF OOK DEEL VAN HET BOUWWERK

De gaven die God geeft zijn krachtig en hebben een bovennatuurlijk effect. Dit heet charismata, i.e. de Goddelijke werking die zorgt dat er tegelijk met onze daad een daad van de Heilige Geest gedaan wordt. Wij doen de daden die we goed achten of op ons hart krijgen en de Heilige Geest doet een daad van verandering in de situatie of het hart van een mens. Leiders hebben hierin een belangrijke positie. God heeft hun bekwaamheden gegeven waarmee inzicht en kracht ontstaat om dit bouwwerk te bouwen, echter het allereerste gevolg van de roeping als leider is het besef en de gewilligheid dat je zelf voordoet wat je vraagt van de ander. Met dit principe ontstaat er een menselijk dilemma. Dat wat God vraagt is naar de mens gesproken onmogelijk te vervullen met het menselijke karakter. Naar de mens gesproken is er vrucht mogelijk omdat er menselijke bekwaamheden zijn. Deze bekwaamheden zijn een samenstelling van aanleg, effecten van opvoeding, omstandigheden, de wijze waarop je met die omstandigheden bent omgegaan en Gods gave. Deze aspecten samen zullen in een mate een effect teweegbrengen als leider. Omdat één aspect de gave van God is, zal er meestal ook een bovennatuurlijk effect optreden, daarmee bedoel ik dat er een effect optreedt dat de grenzen van de menselijke inspanning overschrijdt.

GOD DRAAGT ZORG VOOR SITUATIES DIE ONMOGELIJK ZIJN OM MEE TE DEALEN ZODAT HET DUIDELIJK WORDT DAT HIJ WIL HANDELEN, DIT GENEREERT EEN KRACHTIGE AFHANKELIJKHEID

De grootste kracht komt vrij als leiders geconfronteerd worden met de onmogelijkheden in hun karakter in het licht van de roeping; de ontwikkeling van het besef dat kracht zeer sterk gemanifesteerd wordt in menselijke zwakheid en de gewilligheid deze confrontatie met zichzelf aan te gaan. Ik stel mezelf regelmatig de vraag, ken ik mijn karakterzwaktes? Mag God mij helpen deze te veranderen. Ik herken dat het me afhankelijk maakt. En dat is precies wat ik wil. Een transformerend leider zijn omdat de woorden die ik spreek door mijzelf zijn heen gegaan.

EEN TRANSFORMEREND LEIDER KAN INSPIREREN EN STIMULEREN ZODAT DE MENSEN WAAR HIJ LEIDING AANGEEFT BUITENGEWONE VRUCHT EN RESULTAAT VERWERVEN, TERWIJL HIJ OOK ZELF VERANDERT EN BEKWAMER WORDT IN DIT PROCES.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *